Rotonde

 

Een rotonde is een bijzonder soort gelijkvloerse kruising die zo ontworpen is dat het aantal conflicterende bewegingen geminimaliseerd is.
Veel ongelukken gebeuren op rotondes. Rotondes vormen een groot risico, vooral voor motorrijders. Op erg drukke rotondes is het voor veel verkeersdeelnemers onduidelijk wat nou precies de correcte handelingen dienen te zijn, wie er voorrang heeft en dergelijke. Veel automobilisten menen dat ze op een rotonde geen richting hoeven aan te geven of laten bij een rotonde met voorrang voor gemotoriseerd verkeer toch nog even gauw die fietser voorgaan, terwijl jij net dacht lekker door te kunnen rijden. Bij het zoeken naar een plek om tussen te voegen vergeten ze het verkeer voor hen in de gaten te houden. En dan hebben we het nog niet gehad over troep, putdeksels en verkanting.
Bijna geen andere situatie in het verkeer vergt zoveel van je kijktechniek.
Op rotondes komt enorm veel informatie op je af, je moet te veel handelingen verrichten, waardoor je vaak niet genoeg tijd overhebt om de juiste beslissingen te nemen. Na een ongeluk op een rotonde wordt vaak gezegd: ik zag je niet, of: ik dacht dat je langzamer reed. Dit geeft al aan dat observatie al voor het nemen van een rotonde van wezenlijk belang is.

 

Gebruikelijke fouten

Alleen naar links kijken als je een rotonde nadert
Een veel voorkomende gewoonte bij het naderen van een rotonde is om alleen maar naar links te kijken (van die kant verwacht je verkeer). Een goed alternatief is eerst je linkerkant te controleren, dan recht voor je te kijken, vervolgens de rechterkant en als laatste in je spiegels te kijken alvorens je een rotonde nadert. Op deze manier zie je of de auto voor je inderdaad snel doorrijdt, je ziet de voetganger die aan de rechterkant van je van plan is over te steken en eventueel de fietser die zich tussen jou en de stoeprand wurmt.
Ook wordt het makkelijker de snelheid en afstand van en tot het andere verkeer in te schatten. Kijk je naar een auto die jou van links nadert, dan zul je normaal alleen de afstand tussen hem en jou inschatten. Kijk je een aantal seconden langer, dan zul je ook de snelheid in kunnen schatten. Het meest effectief is om eerst naar de auto te kijken, dan in de andere richtingen, en dan weer naar de auto. Hoe meer verschillende beelden je hebt om te vergelijken, hoe beter je de afstand in kunt schatten.

Te laat kijken
Nog een veelgemaakte fout is te laat kijken als je een rotonde nadert. Daardoor blijft er te weinig tijd over om de informatie op te slaan en te verwerken.
Begin op tijd met goed observeren. Daardoor kun je het beeld vanuit diverse hoeken beter overzien en kun je op tijd gebruikmaken van beschikbare gaten in het verkeer.

Naar auto's kijken in plaats van gaten
Ook al lijkt het vanzelfsprekend, het is de gaten die we willen zien, niet de auto's. Toch zullen de meeste motorrijders meer naar de auto's kijken dan naar de gaten ertussen. Daardoor missen ze veilige kansen om tussen te voegen.

Te vroeg beslissingen nemen
Veel mensen beslissen nog voor ze al de benodigde informatie vergaderd hebben. Dit is vaak het geval als de motorrijder niet ver genoeg vooruit kijkt (daardoor mis je een snelle auto) of geen rekening houdt met onoverzichtelijke situaties.
Soms kun je een deel van de rotonde niet overzien. Maar ook al zie je het niet, dat betekent niet dat het er niet is. De beste manier om hiermee om te gaan is je beslissing af te laten hangen van wat je wel kunt zien, wat je niet kunt zien en wat je in alle redelijkheid kunt verwachten. Dus de volgende keer als je een rotonde nadert, vraag je dan af of er iets buiten je gezichtsveld zou kunnen zijn en bedenk: eerst zien, dan beslissen.

Mentale benadering
Misschien wel het meest belangrijke aspect is je mentale benadering van de rotonde. Veel motorrijders benaderen de rotonde met het plan om door te gaan, tenzij ze moeten stoppen voor ander verkeer. Een iets verschillende maar effectievere manier van benaderen is de rotonde te benaderen met de bedoeling te stoppen, maar vooruitkijkend om te gaan.
In het eerste geval heb je je beslissing al gemaakt om door te gaan, tenzij je moet stoppen voor ander verkeer. Het probleem hier is dat als een auto tegelijk met jou de rotonde nadert, je de beslissing neemt om toch door te gaan met het risico dat er iets fout gaat, omdat het moeilijk is op het laatste moment je beslissing te wijzigen. In het tweede geval staat je eigen veiligheid voorop (plannen te stoppen) terwijl je altijd uitkijkt voor bruikbare gaten.
Kom je in dezelfde situatie terecht als in het voorbeeld hierboven, dan zul je minder snel geneigd zijn je beslissing te herzien, maar stop je gewoon zonder risico's te nemen.

Oefeningen
Het is nuttig de volgende oefeningen in de praktijk te brengen:

  1. kijk in alle richtingen terwijl je een rotonde nadert
  2. begin op tijd met observeren
  3. kijk uit voor bruikbare gaten in plaats van auto's
  4. zorg voor het totale plaatje voor je een beslissing neemt
  5. plan om te stoppen maar kijk vooruit om te gaan


de juiste positie op de weg en het gebruik van signalen. Bij de diverse soorten rotondes is het meest belangrijke goed op te letten op de wegmarkering. Wie op een rotonde voorrang moet verlenen hangt af van hoe de rotonde is ingericht. Voor rotondes gelden geen speciale regels. Als er niets is aangegeven heeft het verkeer op de rotonde géén voorrang, maar het verkeer dat van rechts de rotonde oprijdt heeft wel voorrang. Als er wel iets wordt aangegeven, door middel van haaientanden of borden, dan heeft het verkeer op de rotonde voorrang.
Het verlaten van een rotonde is hetzelfde als het afslaan naar rechts. Je moet voorsorteren, richting aangeven en rechtdoorgaand verkeer voor laten gaan. Dit betekent dus ook fietsers, bromfietsers en voetgangers voor laten gaan. Bij het naderen van een rotonde mag je zowel op de linker-, middelste als de rechterrijstrook rijden.

We gaan uit van de klokmethode om te bepalen welke afslag je neemt op een rotonde. De klokmethode is gebaseerd op het principe dat je altijd nadert vanuit de zesuurspositie. Zo is de afslag aan de rechterkant drie uur, de weg recht voor je twaalf uur en de weg aan de linkerkant negen uur.
Zijn er meerdere afslagen op een rotonde, dan wordt ook hun positie bepaald vanuit de zesuurspositie.

Een rotonde één kwart rijden (eerste afslag)
De eenvoudigste afslag is de eerste afslag naar rechts. Bij het naderen van de rotonde ga je in de rechterrijstrook rijden (als wegmarkeringen dit toestaan) nadat je bepaald hebt of je wel of niet voorrang moet verlenen. Doe je knipperlicht naar rechts aan. Verleen voorrang indien vereist en laat je knipperlicht aanstaan totdat je afgeslagen bent. Let op: ook fietsers, bromfietsers en voetgangers hebben voorrang! Bij het afslaan naar rechts gelden de verkeersregels voor het normaal afslaan naar rechts.


Als er zich geen verkeer voor of achter je bevindt of bij de afslagen, kun je ook deze lijn rijden. Door deze lijn te rijden wordt de bocht minder scherp, waardoor je hem makkelijker kunt nemen. Bovendien vermijd je de buitenkant van de bocht, waar door de centrifugaalkracht de meeste diesel gespild wordt.

Rechtdoor rijden (tweede afslag)
Normaal gesproken doe je je knipperlicht niet aan als je de rotonde nadert. Neem de rechter (middelste) rijstrook (als wegmarkeringen dit toestaan) en blijf in deze strook bij het rijden van de rotonde. Geef bij de eerste afslag bestuurders van rechts voorrang bij een rotonde zonder borden. Bevind je je nog in de middelste rijstrook, knipperlicht naar rechts en naar de rechter rijstrook uitwijken als de gelegenheid zich voordoet. Verlaat de rotonde bij de tweede afslag. Geef eventuele fietsers, bromfietsers en voetgangers voorrang.

Een andere optie bij deze afslag is om de rotonde op de linkerrijstrook te naderen. Je gebruikt je knipperlichten als boven, maar blijft constant op de linkerrijstrook.
Er kunnen zich namelijk situaties voordoen waarbij het nuttig is om deze rijstrook te gebruiken, bijvoorbeeld wanneer er zich langzaam verkeer in de rechter rijstrook bevindt en je graag op wilt schieten, of wanneer er zich na de rotonde een obstakel in deze rijstrook bevindt.
Door de linker rijstrook te kiezen kun je al in een vroeg stadium de juiste inhaalpositie kiezen. Nog een reden voor het nemen van de linkerrijstrook kan zijn als je kort na de rotonde af wilt slaan naar links. Zo zul je vroeg in de juiste positie terechtkomen om af te slaan.
Soms gaat een rotonde van twee rijstroken bij het naderen over in één rijstrook bij het uitrijden. Het is goed je op de hoogte te stellen welk gedeelte van de weg zich vernauwt. Als de weg zich aan de rechterkant vernauwt, bijvoorbeeld doordat de trottoirband onderbroken wordt, dan is het beter om de linkerrijstrook te kiezen zodat je een soepelere/rechtere lijn kunt volgen zonder al te veel onderbrekingen.


Als er zich geen verkeer voor of achter je bevindt of bij de afslagen, neem de rotonde dan zo recht mogelijk. Zo ben je de rotonde het vlugst over en worden gevaarlijke manoeuvres tot een minimaal gereduceerd. Kijk altijd goed naast je en over je linkerschouder om je ervan te verzekeren dat zich daar niemand bevindt die je het pad af zou kunnen snijden!

Een rotonde driekwart rijden (derde afslag)
Neem je de rotonde driekwart (afslag links), nader de rotonde dan op de linkerrijstrook, tenzij wegmarkeringen anders aangeven. Zet je knipperlicht bij het oprijden van de rotonde naar links, en laat deze aanstaan tot het midden van de tweede afslag. Hier je knipperlicht naar rechts aandoen. Als het veilig is en je geen voorrang hoeft te verlenen de rotonde in de rechterrijstrook verlaten. Geef altijd voorrang aan het verkeer dat zich al in de rechterrijstrook bevindt. Als het niet veilig genoeg is, blijf dan in de linkerrijstrook bij het verlaten van de rotonde. Veel ongelukken gebeuren doordat bestuurders vinden dat ze kost wat kost in de rechter rijstrook de rotonde dienen te verlaten.
Op de linkerrijstrook de rotonde verlaten heeft de voorkeur als de rechterrijstrook na de rotonde is geblokkeerd, als je kort daarna naar links af wilt slaan of wanneer je veiligheid in gevaar kan komen door in de rechterpositie te blijven.


Knipperlicht naar links en in de linkerrijstrook naderen. Als het veilig is naar de linkerrijstrook van de rotonde rijden. Blijf in de linkerrijstrook. Knipperlicht naar links aanlaten totdat je de afslag gepasseerd bent voor degene die je moet hebben, dan knipperlicht naar rechts.

Een rotonde vierkwart rijden (vierde afslag)
De rotonde helemaal rondrijden en weer terugkomen in tegengestelde richting. is slechts een verlengde van de rotonde driekwart rijden (derde afslag). Normaal nader je de rotonde in de linkerrijstrook met je knipperlicht naar links. Je houdt je rijstrook- en knipperlichtpositie tot je in het midden van de derde afslag rijdt, waar je je knipperlichtsignaal naar rechts zet en je de (vierde) afslag naar rechts neemt.


Dit is hetzelfde principe als de rotonde driekwart nemen.

Door de klokmethode te gebruiken kun je rotondes met meerdere afslagen makkelijk nemen. Als de afslag die je neemt aan de linkerkant zit, dus voor 12 uur, linkerknipperlicht aan bij het naderen en knipperlicht aanlaten, knipperlicht naar rechts als je de rotonde verlaat. Zit de afslag na 12 uur, knipperlicht naar rechts bij het naderen en aanlaten totdat je de rotonde verlaat. Een algemene regel is dat je meestal in de linkerrijstrook kunt naderen als de afslag die je neemt voor de 12-uurs-positie zit. Je neemt de rechterrijstrook bij het naderen als de afslag die je neemt na de 12-uurs-positie zit. Alleen als de omstandigheden dit toelaten de rotonde verlaten op de rechterrijstrook.
Velen van ons hebben in het verleden geleerd dat je alleen bij het afslaan op een rotonde je knipperlicht zou moeten gebruiken. Tegenwoordig wordt bij het rijexamen (CBR) geleerd je knipperlicht al voor de rotonde te gebruiken, aangezien dit duidelijker is voor medeweggebruikers.